Jezus is Heer!

1 Met je mond belijden

“Jezus is Heer” is de kortste belijdenis van de kerk (zie ook 1 Korinte 12,3). In het Grieks zelfs maar twee woorden: Jezus Kurios. Het was Paulus missie om de mensen tot die belijdenis te brengen. Hij schrijft dat hij erop uitging om mensen de volken tot gehoorzaamheid en geloof te brengen (16,25-26, zie ook 15,18). Hij had in het begin van de brief geschreven hoe graag hij ook in Rome wilde komen (1,11).
Hij wil hen bemoedigen als gelovige inwoners van de hoofdstad van het Romeinse rijk. Romeinen waren trots en loyaal aan hun stad, cultuur en keizer. De goden van Rome werden gedankt en zelfs de keizer kreeg soms goddelijke eer. Caesar Kurios! Het vroeg lef de keuze te maken voor Jezus: Jezus Kurios.
Bovendien, er was een Joodse gemeenschap in Rome. Zij hadden een eerbiedwaardige traditie. Was Jezus geen Jood geweest? Hoe moeten zij, bekeerde heidenen, zichzelf zien ten opzichte van dat oude volk van God? Moeten zij Jood worden? Paulus schrijft daarom juist aan de gelovigen in Rome een lange passage over het Joodse volk (hoofdstuk 9-11).

  • Wat zijn de dingen waar mensen om ons heen nu trots op zijn en (buiten Jezus om) redding van verwachten?
  • Wat weet je van de Joodse gemeenschap in Nederland?

2 Uit je hoofd leren

Ik voerde een pleit voor het uit je hoofd leren van de Apostolische Geloofsbelijdenis (en het Onze Vader en de samenvatting van de wet). Zoals je tafels leert om te kunnen rekenen, zo moet je de belijdenis kennen om de Bijbel te kunnen lezen. Het gaat er niet om dat wij met de Bijbel een aantal goede regels vinden om brave burgers te zijn. Het gaat om de vraag wie God is. Nou… wie is God? Ken de Apostolische Geloofsbelijdenis en je hebt het bij de hand: dát, zo geloven wij als kerk, is de God van de hele Bijbel. Alles wat wij uit de Bijbel afleiden moet passen bij deze belijdenis.

  • Wat heb jij uit het hoofd moeten leren in het kerkelijk onderwijs? Wat vind je er waardevol aan? Zitten er ook nadelen aan?

3 Met je hart geloven

Geloven brengt je in de nabijheid van God. Zoals Paulus schrijft in Romeinen 3,23-24: “God maakt geen verschil tussen Joden en niet-Joden. Want alle mensen doen verkeerde dingen. Daardoor leeft niemand dicht bij God.” (Bijbel in Gewone Taal, zie ook 5,2). Dat gaat over hart-tot-hart contact. Hij heeft je lief en zoekt naar jouw diepste verlangen: je hart dat geliefd wil zijn en liefde wil geven. Dat kon je met de keizer in Rome wel vergeten. Bovendien ging die een keer dood en zijn opvolger ook. De levende Jezus blijft tot in eeuwigheid. Door Hem kom je in Gods vriendelijke nabijheid. Dat is de diepste motivatie om met je hart te zeggen: Jezus is Heer!

  • Vertel aan elkaar een mooi verhaal over de nabijheid van God. Vertel ook een verhaal waarin Hij ver weg was of zich verborgen had.
  • Ver weg van de Heer, dat is het ergste dat er is, lees en bespreek 2 Tessalonicenzen 1,7-9.